Kees Blok schrijft voor jongeren en volwassenen die houden van humor, avontuur en de grote thema’s van het leven. Met hoofdpersonen die ondanks tegenslag, onbegrip en het gevaar belachelijk te lijken, steeds kiezen voor een betere wereld.

Bladeren


De tuin levert nauwelijks meer op. We vallen terug op inmaak (“Hè pap! Alweer zuurkool”) en een groenteabonnement (zelfde commentaar). Af en toe komt er nog Chinese kool of sla uit het kasje en prei of boerenkool van buiten. De tuin is een kale strook modder geworden. Tijd om de zinnen te verzetten.

De kachel gaat een tandje hoger en ik haal er een leeslamp bij. Het is tijd om de zaden voor komend jaar te bestellen. Er zijn flink wat bedrijven en bij de meeste kun je via de website bestellen. Verschillen tussen de leveranciers zitten vooral in het aandeel ecologisch zaad, de hoeveelheid vergeten en exotische groenten en de levertijd. Sommigen geven je een zakje verrassingszaad als je veel besteld.

Internet is waarschijnlijk het makkelijkste en zeker het snelste, maar ik wil de ambachtelijke ervaring en bestel de gids. Twee dagen later peuter ik de bestelbon uit de middelste nietjes en pak potlood en gum. Daarna blader ik door het geïllustreerde assortiment heen. De zakjes zaad hebben naast de soortaanduiding (wortel, andijvie) ook een naam voor de variëteit (Flyaway F1 hybride, Witkiem major, Uchiki Kuri). Elk product krijgt lof, of het nu om de vroege productie gaat, de enorme vruchten of de oorspronkelijke smaak. Kiezen is lastig. De oogsttijd geeft wat houvast en ik bestel vroege en late kroten; maar al snel laat ik me door irrationele sentimenten leiden. Zo wil ik wel de Flakese, maar niet de Amsterdamse bak. En Ezetha’s krombek blauwschokkers: Onweerstaanbaar!

Uit: Tweeënvijftig weken krom staan, uit het leven van een groenteteler.